‘Regio 35 heeft de drive om jongeren te helpen’

/, OCW/‘Regio 35 heeft de drive om jongeren te helpen’

‘Regio 35 heeft de drive om jongeren te helpen’

“De betrokkenheid, dat is het eerste wat me opvalt als ik denk aan Regio 35. Projectleiders, gemeente, bestuurders en zorgverleners: iedereen is betrokken. Dat maakt het makkelijker voor mij om mijn eigen bijdrage te leveren in de vorm van contacten, informatie en tips.”

Aan het woord is Elly Klap-Van Strien, de nieuwe accountmanager mbo van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap voor Regio 35. Per 1 februari nam zij het stokje over van Jeanet Pijfers. “Het is mijn taak om regio’s te ondersteunen bij het uitvoeren van de plannen die ze met het ministerie afgesproken hebben. Ik ben een soort vooruitgeschoven post vanuit het ministerie, een linking pin die de contacten onderhoudt, mensen en good practices samenbrengt en informatie verstrekt wanneer nodig.”

Plek in de maatschappij
De accountmanager kent het onderwijs van binnenuit, ze startte haar loopbaan als juf op een basisschool in Vlissingen. “Voor mij is ‘juf’ een eretitel. Ik vind het geweldig om mensen te helpen zich te ontwikkelen. Of ik dat nu praktisch doe, als juf of als coach en opleider in het bedrijfsleven, of dat ik de juiste voorwaarden help te scheppen waardoor anderen het kunnen doen; dat maakt mij niet uit. De maatschappij verandert continu, ik wil dat iedereen zijn of haar plekje kan vinden, dat mensen aansluiting vinden en tot hun recht komen. Dat is mijn missie.”

Verhaal achter de cijfers

Sinds haar komst is ze regelmatig voor overleggen in Tilburg en omgeving. “Ik proef hier de wil en drive om jongeren te helpen. De weg om het aantal vsv’ers terug te dringen is al een tijd geleden ingeslagen en nog steeds zijn alle partijen gemotiveerd om nog betere resultaten te halen. Het is zelfs de ambitie om beter te presteren dan de landelijke cijfers. Dat is een mooie stip op de horizon. Tegelijkertijd schrikt de regio er niet voor terug om zeer kwetsbare jongeren óók te helpen, terwijl de kans op succes minder groot is. Zo is er een speciale entree-opleiding voor hen met extra begeleiding, kleinere groepen en meer contact. Het risico op uitval is groter en dat zie je helaas terug in de cijfers. Maar als je het verhaal achter de cijfers kent, zie je wat voor succes het eigenlijk is.”

Voor ieder een plek in de maatschappij

Nieuwe overlegstructuur
“Om dit soort successen te behalen, is samenwerking met allerlei partijen belangrijk. Ook partijen uit de zorghoek zoals Kompaan en de Bocht, R-Newt, IMW en Indigo. Dat is niet alleen fijn voor de jongeren die gebaat zijn bij de hulp, maar bijvoorbeeld ook waardevol voor docenten”, weet Klap-Van Strien. “Zij leren beter te kijken en te signaleren wanneer extra hulp geboden is.”

Ze worden door een nieuwe, bestuurlijke overlegstructuur ook nadrukkelijk betrokken. Voor het overleg hebben ze eerst goed in beeld gebracht wie er aan tafel moeten zitten. Daarbij is rekening gehouden met de grootte van de groep, want teveel mensen aan tafel gaat ten koste van de slagkracht. Nu is het belangrijk dat de bestuurders die aanschuiven, goed op de hoogte zijn van wat de mensen die ze vertegenwoordigen bezighoudt én dat ze de informatie van het overleg zelf weer goed terugkoppelen naar hun achterban.”

Ook is belangrijk dat er nu al nagedacht wordt over de borging van activiteiten als het tweede convenant afloopt en er geen extra geld meer naar de regio komt. De regio is nu al bezig om dat goed op orde te krijgen.

In beeld
Is er nog een aandachtspunt? “Door de jaren heen zijn oud-vsv’ers helaas uit beeld geraakt. Ik juich het toe dat er nu een project is gestart om opnieuw contact met hen te leggen. Hebben ze inmiddels werk? Zitten ze in een zorgtraject? Of willen ze misschien toch weer terug naar school? Het is belangrijk om deze mensen opnieuw in beeld te krijgen. En hopelijk lukt het in de toekomst om iedereen in beeld te hóuden. Om dat te realiseren is het goed dat RMC nu dichterbij de scholen opereert. Op afgesproken momenten zitten de leerplichtambtenaren op locatie in de scholen. Dit maakt overleg bij ongeoorloofd en geoorloofd verzuim gemakkelijker. Ook maakt het overleg gemakkelijker wanneer een jongere stopt met de opleiding. Want: wat gaat de jongere dan wél doen? Zo blijft hij in beeld.”

2017-07-13T11:15:39+02:00 12 juli 2017|MBO, OCW|0 Comments

Leave A Comment