Directe actie voor oud-vsv’ers

/, Jongeren, Leerplicht / RMC/Directe actie voor oud-vsv’ers

Directe actie voor oud-vsv’ers

Regio35 probeert uitval tijdig op te pakken, maar helaas lukt dit niet altijd. Wat gebeurt er met jongeren zonder startkwalificatie die al langer thuis zitten? Hoe gaat het met deze jongeren? En is het mogelijk om hen toch nog richting een startkwalificatie te begeleiden? RMC trajectbegeleiders Lucas Kroot en Bianca Bijl benaderden er sinds februari 2017 254 jongeren in het kader van convenantsmaatregel 8.

Even de cijfers op een rij: van de in totaal 1496 jongeren in regio 35 zijn inmiddels dus 254 benaderd. Van hen heeft het overgrote deel een (vaste) baan van 32 uur of meer in de week: 93. Tien hebben zelf de weg terug naar school gevonden en starten per 1 augustus 2017 met een opleiding. Zes hebben de startkwalificatie in de tussentijd gehaald, vijf jongeren zijn ouder dan 23 jaar en doorverwezen naar het jongerenpunt en dertien jongeren volgen trajectbegeleiding van RMC. Dan verblijft er nog een deel in het buitenland, wil een klein aantal jongeren niet meewerken en is er nog een groep voor wie een startkwalificatie überhaupt niet haalbaar is vanwege bijvoorbeeld een handicap of lage leercapaciteiten.

Op huisbezoek
Een flinke klus voor Kroot en Bijl. Waar zijn ze begonnen? “De eerste week benaderden we de jongeren met een brief en het verzoek om hier op gesprek te komen”, vertelt Kroot. “Dat werkte niet, ze kwamen niet allemaal opdagen. En dus veranderden we snel van strategie: we gingen op een aangekondigd tijdstip bij de jongeren thuis op bezoek. Dat werkte veel beter.” De jongeren ontvangen een brief waarin staat dat het om een vrijblijvende actie gaat en de gemeente haar hulp aanbiedt. In de brief staat de afspraak vermeld. Bijl: “Soms bellen mensen om te laten weten dat ze bijvoorbeeld werk gevonden hebben. Dan noteren wij dat. Anders gaan we op huisbezoek. Als ze niet thuis zijn, kondigen we opnieuw via een brief een bezoek aan. Staan we weer voor een dichte deur, dan komen we nog een derde keer onaangekondigd, eventueel in de avond. Zo hopen we zoveel mogelijk jongeren te bereiken.”

‘We kunnen het alleen samen met andere partijen’

Van praten naar actie
De ontvangst is vaak hartelijk. “De deur staat open, ze verwachtten ons al”, glimlacht Bijl. Kroot: “Al zijn sommige jongeren eerst sceptisch. Ze hebben vaak al met veel instanties contact gehad en willen eerst weten waarvoor we komen. Als blijkt dat meewerken niet verplicht is en dat we er zijn om hen te helpen, zijn ze meestal positief.” “We willen mensen niet in een keurslijf persen”, vult Bijl aan. “Bovendien is het belangrijk om snel tot actie over te gaan. Eerst praten en vervolgens contacten leggen, mensen informeren en zaken regelen. Onze gesprekken zijn open maar kordaat en nooit met ‘het vingertje’. Dat komt niet voor in ons vocabulaire. Mensen denken vaak dat deze jongeren vooral niet willen. Natuurlijk, die zijn er ook, maar die groep is minder groot dan gedacht. Sommige jongeren hebben veel ellende meegemaakt. Dan moeten wijzelf na een gesprek even bijkomen.”

Samenwerken
De gemeente heeft een regiefunctie. “Wij zorgen dat de juiste instanties betrokken zijn of raken en dat men op de hoogte is van elkaar. Je denkt dat deze jongeren zelf op een instantie af kunnen stappen, maar ze krijgen het vaak niet georganiseerd. Terwijl het met wat hulp wél lukt. Wij zijn geen zorgverleners, dus waar nodig koppelen we hen aan de juiste instanties. Of we informeren al betrokken zorgverleners over wat wij zien. Vanzelfsprekend altijd met goedkeuring van de jongere in kwestie.” Samenwerken met andere partijen is belangrijk voor het tweetal. “Alleen kunnen we het niet. We zijn geen eiland. Naast het doorverwijzen, monitoren we periodiek hoe het ervoor staat. Is er na twee weken contact opgenomen? Heeft iemand zich ingeschreven voor een opleiding?”

Meer mogelijk
Soms blijkt dat er meer mogelijk is dan jongeren zelf denken. Kroot: “Zo starten er twee jongeren binnenkort met een hbo-opleiding. Ze hebben de 21plustoets in de module van hun studierichting gehaald en kunnen dus zo’n opleiding volgen. Wij controleren overigens ook of er straks op de nieuwe school voldoende begeleiding is voor hen om toekomstige uitval te voorkomen.” Elke twee maanden evalueren de twee trajectbegeleiders. In oktober wordt de lijst aangevuld met nieuwe oud-vsv’ers. Bijl: “We hoeven ons niet te vervelen. Maar in theorie moeten wij straks overbodig zijn als scholen vsv’ers goed blijven registreren.”

Wil je meer weten over het project? Neem contact op met Lucas Kroot of Bianca Bijl.

2017-07-13T11:18:04+02:00 12 juli 2017|Interviews, Jongeren, Leerplicht / RMC|0 Comments

Leave A Comment